Top Fit Kids
jouw sterren:
0
 
 
Terug

Groente- en fruit ABC

Waar kan ik bramen plukken? Welk fruit kun je als oorbel gebruiken? Hoe kan ik rood plassen? Welke vruchten hebben gekke haartjes? Hoe moet ik een mango eten?

 

Wijze Willem heeft alle weetjes over groente en fruit op een rijtje gezet. Dus zoek je favoriete groente of fruit in het groente en fruit ABC.

Aardbei

De aardbei is de enige vrucht met zaadjes aan de buitenkant. Soms zijn het er wel 200. Tel maar na. Aardbeien uit Nederland zijn in de zomer extra zoet en sappig. En altijd supergezond.

Abrikoos

De abrikoos is een vrucht om te knuffelen. Zijn velletje is heel zacht en kun je zelfs eten! Van binnen zijn ze lekker sappig.

Ananas

Een ananas is een heleboel vruchtjes tegelijk. Aan de schil kun je dit nog een beetje zien. Je kunt er een mooie schaal van maken. Snij de ananas doormidden. Lepel het fruit eruit. Hmm: lekker zoet en sappig. Nu heb je een echte fruitschaal!

Andijvie

Andijvie in de pan krimpt sneller dan een ijsje in je mond. Als je het kookt blijft er maar de helft van over. Lust je geen gekookte andijvie? Probeer het dan eens in een salade. Het smaakt heel anders en is net zo gezond.

Appel

Elke appel heeft een naam met een verhaal. ‘Granny Smith’ is genoemd naar de vrouw die deze groene appel kweekte. Oma Smit dus eigenlijk. Je kunt appels natuurlijk zo eten. Maar ook als appelchips. Snij de appel in schijfjes en bak ze in de oven op een lage temperatuur. Lekker en gezond!

Asperge

Asperges smaken anders dan de meeste andere groente. Lekker zacht en een beetje romig. Witte asperges groeien onder de grond. Groene asperges groeien boven de grond. Asperges helpen je bloed gezond te houden.

Aubergine

Aubergines zijn de enige groenten met een eigen kleur. Hun paars is zo apart dat we deze kleur aubergine noemen. Aubergines hebben de vorm van een traan en hun schil glimt mooi. Ze groeien aan struiken in landen zoals Italië en Spanje.

Avocado

Avocado’s hebben de vorm van een peer. Het zijn vruchten, want ze hebben een pit. En niet zo’n kleintje ook! Snij ze doormidden en lepel ze uit. Het vet in de avocado is goed voor je hart en je bloed.

Banaan

Bananen zijn echt krachtvoer. Je krijgt er snel een shot energie van. Handig als je gaat sporten of buitenspelen. En waarom de bananen krom zijn? Omdat ze in trossen aan bomen groeien. Ze hangen naar beneden, maar willen eigenlijk omhoog groeien. Dus moeten ze wel een bocht maken.

Biet

Wil je ook een keer rood plassen? Dan moet je bietjes eten. Daarin zit een kleurstof die bij sommige mensen de plas rood maakt. Maar je kunt natuurlijk ook bietjes eten omdat ze zo lekker en gezond zijn. Hoe kleiner de bietjes, hoe zoeter.

Bloemkool

Bloemkool is meestal wit. Dat witte zijn de roosjes van de bloemkool. Wist je dat er ook groene en paarse bloemkool bestaat? En als je een bloemkool doorsnijdt, zie je hoe je hersenen eruitzien. Eet smakelijk!

Boerenkool

Boerenkool is de krullenbol onder de kolen. Als het één keer heeft gevroren wordt de boerenkool zoeter en zachter van smaak. Eet dus in de winter vaak een boerenkoolstamppot. Boerenkool zorgt ervoor dat je minder snel ziek wordt.

Bramen

Voor bramen hoef je niet naar de winkel. In augustus en september pluk je ze zo van de struiken. Ze groeien in het bos en in de duinen. Pas wel op voor de doornen. Rijpe bramen zijn heerlijk zoet. En de grootste bramen zijn het lekkerst. Was de bramen goed. Dan kun je ze zo eten of er sap van maken.

Broccoli

Broccoli is familie van de bloemkool. Dat kun je ook wel een beetje zien. Alleen is broccoli nooit wit, maar meestal groen en soms paars. Broccoli is heel gezond en zorgt ervoor dat je minder snel ziek wordt.

Champignon

Een champignon is een paddenstoel. Dat zie je zo. Maar champignons kun je eten als groente. De meeste paddenstoelen in het bos kun je niet eten. Sommige zijn giftig. Blijf daar maar van af.

Citroen

Een citroen zuur? Fris zul je bedoelen! Pers er een uit en doe er suiker en water bij. Zo maak je je eigen limonade. Citroen is familie van de sinaasappel. Het zijn allebei citrusvruchten. Boordevol vitamine C, dus heel gezond.

Courgette

Koerwat? Koerzjet! Zo spreek je het uit. Courgette lijkt op een komkommer, maar smaakt heel anders. Courgettes groeien aan struiken. Ze zijn meestal groen van kleur, maar er bestaan ook gele en gestreepte. Het lijkt wel alsof die een pyjama aan hebben.

Dadel

In Nederland eten we dadels vaak gedroogd. Ze zijn lekker zoet. Bijt er in en droom weg naar de boom waaraan hij hing. Een palmboom in Egypte, Californië of Tunesië. Misschien wel in een oase. Voel je de zonnestralen al?

Druif

Er zijn blauwe druiven, rode druiven en witte druiven. Alleen zijn de blauwe eigenlijk paars. En de witte zijn groen. Maar ach, wat maakt het uit? Zo lang ze maar zoet en sappig zijn. Wist je al dat ze van druiven krenten en rozijnen maken? Dan laten ze de druiven drogen. En druivensap, lekker en gezond.

Erwt

Erwten komen uit een jasje: de peul. Daarom horen ze bij de peulvruchten. Sommige peulvruchten houden hun jasje aan. Sperziebonen bijvoorbeeld. Andere eten we zonder jasje: doperwten, kikkererwten, suikererwten en kapucijners. In de winkel zitten ze meestal in een blik, een pot of in de diepvries.

Frambozen

Limonade, jam, saus, ijs: je kunt het allemaal maken van frambozen. Dat komt doordat ze zo lekker zoet en sappig zijn. In de zomer zijn de Nederlandse frambozen het lekkerst. De framboos is familie van de braam. Ze bestaan allebei uit kleine bolletjes.

IJsbergsla

IJsbergsla werd vroeger vervoerd met een berg ijs erop. Zo bleef de sla onderweg goed. IJsbergsla is fris en knapperig. De blaadjes zijn stevig. Daardoor kun je ijsbergsla goed snijden. En je kunt er ander eten mee inpakken. Probeer maar eens met een stukje kaas of een gekookt ei.

Kers

In de zomer kun je vaak langs de weg verse kersen kopen. Kersen groeien aan de kersenboom. Ze zitten met zijn tweeën aan een steeltje. Daardoor kun je ze goed als oorbellen gebruiken. Maar je kunt ze natuurlijk ook gewoon eten. Let wel op de harde pit in het midden.

Kiwi

Kiwi’s hebben meer dan 18.000 kilometer gereisd voor ze hier zijn. Ze komen helemaal uit Nieuw-Zeeland. Daar wonen ook vogels die kiwi heten. Ze lijken zelfs een beetje op de vrucht. Ook met van die gekke haartjes. Een kiwi kun je heel makkelijk eten. Je snijdt hem doormidden en lepelt hem uit. In kiwi’s zit heel veel vitamine C.

Knoflook

Als je knoflook eet, ga je een klein beetje stinken. Helemaal niet erg, want knoflook is lekker en gezond. En de geur van knoflook jaagt muggen weg. De stukjes van een knoflook noem je tenen. Hun schilletje lijkt wel papier.

Komkommer

Een komkommer is geen groente maar fruit. Want er zitten kleine pitjes in. Toch smaakt komkommer lekker bij het eten. Bijvoorbeeld door de sla. Maar je kunt er ook gewoon lekker aan knabbelen. Of een paar plakjes op je boterham met kaas doen.

Mandarijn

De mandarijn is het kleine broertje van de sinaasappel. Lekker sappig en zoet. Je kunt ze makkelijk mee naar school nemen en eten. Kun jij de schil er in één keer afpellen?

Mango

Mango’s zijn zoet, zacht en sappig. Maar ze zijn wel een beetje moeilijk te eten. Geef deze tip maar aan je ouders: snij de mango langs de pit doormidden. Snij er vierkantjes in en druk de mango binnenste buiten. Nu kun je de blokjes er zo af eten. In mango zit een stof waardoor je goed kunt kijken in het donker. Handig als je stiekem in bed wilt lezen.

Meloen

Er bestaan veel soorten meloenen. Sommige zijn oranje van binnen, andere zijn geel en weer andere groen. De watermeloen is rood van binnen en bestaat voor 95% water. Als de meloen zoet ruikt, is hij rijp.

Nectarine

De nectarine is een perzik met een gladde schil. Hij smaakt precies hetzelfde als een perzik. Laat de nectarine niet vallen, want dan krijgt hij blauwe plekken. Net als jij.

Noot

In de herfst vallen de noten uit de bomen: kastanjes, eikels, beukennootjes... Sommige kun je zo eten. Je kunt ook noten kopen: walnoten, hazelnoten en kokosnoten. Maar zijn noten ook vruchten dan? Ja hoor. Of eigenlijk zijn de meeste noten het zaad van fruit. Lekker en heel goed voor je.

Olijf

Een olijf is de vrucht van de olijfboom. Ze zitten vaak op pizza of in een salade. Lang niet alle olijven smaken hetzelfde. Dus als je er een niet zo lekker vindt, kun je nog best een andere proberen. Misschien vind je die wel lekker. Er zijn zwarte en groene olijven.

Paprika

Van paprika’s kun je een stoplicht maken. Ze zijn er in rood, oranje en groen. En zelfs nog in andere kleuren. Groene paprika’s zijn eigenlijk de paprikakindjes. Die zijn nog niet rijp en smaken ook anders. Als ze rijp zijn worden ze veel zoeter. Probeer maar eens. Want paprika’s zijn heel gezond.

Peer

Rijpe peren kunnen heel zacht en sappig zijn. Zelfs zo zacht dat je ze bijna op kunt zuigen. Er bestaan handperen en stoofperen. De handperen eet je zo. De stoofperen moet je eerst koken. Ze worden dan mooi rood en lekker zoet.

Pinda

Olifanten, eekhoorntjes, apen en vogels: ze houden allemaal van pinda’s. Pinda’s groeien onder de grond. Ze heten daarom ook wel aardnoten. Toch zijn het geen echte noten. Ze zijn familie van erwten en bonen. Pinda’s in de dop worden ook wel apennootjes genoemd.

Pompoen

Met Halloween zie je ze overal: pompoenen waar een gezichtje uit is gesneden. Maar pompoenen zijn niet alleen voor de sier. De binnenkant is ook lekker en gezond. Je kunt er bijvoorbeeld taart, soep of curry mee maken. Geheime tip: de pitten van de pompoen zijn lekker in de yoghurt.

Prei

Prei is familie van de ui en de knoflook. Dat kun je ook wel een beetje proeven. Prei zit heel mooi in elkaar. Moet je maar eens een schijfje prei afpellen. De laagjes hebben allemaal dezelfde vorm, maar worden steeds kleiner en de kleur wordt steeds lichter.

Pruim

“Niet te pruimen!” Dat zeg je vast niet van een stukje pruimentaart of een boterham met pruimenjam. Want pruimen zijn lekker zoet. Er zijn gele, rode en paarse pruimen. Pruimen hebben een grote pit van binnen.

Rabarber

In veel Nederlandse tuinen staat rabarber. Gewoon voor de sier. Maar rabarber is ook lekker. Bijvoorbeeld in de rabarbermoes. De bladeren van de plant kun je niet eten. Die zijn giftig.

Radijs

Radijsjes zijn klein, rond en rood. Ze zorgen voor een pittige smaak in je salade. Radijsjes kun je heel makkelijk zelf kweken. Als je ze nu zaait, heb je over een maand al radijsjes. Leuk om op school te laten zien!

Rode kool

Gekookte rode kool is lekker met stukjes appel of ander fruit. Pas op, niet knoeien! Je krijgt de rode kleur moeilijk uit je kleren.

Rozijn

Bijna alle rozijnen komen uit Californië in Amerika. Rozijnen zijn eigenlijk druiven die zijn gedroogd in de zon. Een klein doosje rozijnen is een lekker extraatje in je broodtrommel.

Sinaasappel

De sinaasappel groeide vroeger alleen in China. Daar komt de naam vandaan: China’s appel. Je kunt sinaasappels zo eten, maar ook persen. Dan heb je een lekker sapje. Of maak je eigen ijsje. Snijd een sinaasappel in vieren en vries de stukjes in.

Sperzieboon

De sperzieboon heet ook wel prinsessenboon, slaboon of herenboon. Voor het koken moet je de sperziebonen doppen. Je snijdt de hoekjes eraf. Na een paar minuten koken zijn ze klaar om te eten. In bonen zitten veel vezels. Vezels zijn goed voor je darmen.

Spruitjes

Spruitjes zijn eigenlijk minikooltjes. Ze groeien uit de grond op een lange stengel. Sommige kinderen houden van spruitjes en andere kinderen niet. Als je ervan houdt, heb je mooi mazzel. Want spruitjes zijn hartstikke gezond en zitten vol met vitamine C.

Taugé

Heb je wel eens boontjes laten kiemen? De kiem ziet eruit als taugé. Als je taugé laat staan, groeit er ook een boon uit. Taugé wordt veel gebruikt bij Chinees of Indonesisch eten. Het is lekker knapperig door de sla.

Tomaat

Is tomaat nu groente of fruit? Het is een vrucht (dat zie je aan de pitjes die erin zitten). Maar we rekenen hem toch tot de groenten. Kerstomaatjes hebben niets met kerst en je oma te maken. Ze zijn genoemd naar de kers. Omdat ze net zo groot zijn. Lekker door de salade of als gezond snoep!

Tuinboon

Tuinbonen groeien in een taai groen jasje. Je kunt ze vers eten als ze nog groen zijn. Of gedroogd als ze bruin zijn geworden. In tuinbonen zitten veel eiwitten en vezels. Vezels zijn goed voor je darmen.

Ui

Ui is lekker en past overal bij. Daarom beginnen veel recepten met ‘Pel en snipper een ui’. Als je een ui snijdt, komt er een soort gas vrij. Door dat gas gaan je ogen tranen. Snij de uien daarom onder water, onder de afzuigkap of met een duikbril op.

Venkel

Venkel smaakt een beetje naar drop. Het komt van een plant die groter kan worden dan jij. Het deel dat wij eten is de knol. Rauwe venkel is lekker knapperig in de salade. Ook de blaadjes en zaadjes kun je bij het eten doen, als kruiden.

Vijg

Een vijg is een vrucht vol kleine zaadjes. Je kunt ze zo eten. Lekker zacht en zoet. De schil van een vijg is heel dun. Ze gaan dus snel stuk tijdens vervoer. Daarom worden vijgen vaak eerst gedroogd. En gedroogd zijn ze ook erg lekker.

Vlierbes

In de zomer zie je deze kleine zwarte besjes overal aan de struiken zitten. Eet ze nooit rauw, want dan zijn ze vies en giftig. Maar als je ze kookt kun je er heerlijke taart of jam van maken.

Waterkers

In een hele schone sloot kun je zelf waterkers vinden. Waterkers is erg lekker in de soep, in de salade of met een eitje op je boterham. Waterkers groeit in water. Daarom kun je het ook het beste in een bakje water bewaren.

Watermeloen

Watermeloenen kunnen heel groot worden. Die kun je in je eentje niet op. Watermeloen zitten natuurlijk vol water, wel 95% is water! Neem ze voor de dorst, voor de honger of omdat je zin hebt in iets fris.

Witlof

Witlof wordt in het donker gekweekt. In het licht zouden de blaadjes groen worden. En dan heb je dus groenlof! Gekookt smaakt witlof een beetje bitter. Maar in de sla valt dat wel mee.

Witte boon

In Engeland eten ze witte bonen in tomatensaus bij het ontbijt. Dat is een goed begin van de dag. Want witte bonen geven veel energie. Wil je morgenochtend ook een bord vol witte bonen?

Wortel

Wortelen groeien onder de grond. Rauwe worteltjes zijn lekker knapperig. Van wortelen kun je ook sap of taart maken. Ze zeggen wel dat je van wortels goede ogen krijgt. Er zit een stof in die je ogen en je huid gezond houdt.

Zoete aardappel

Zoete aardappelen zijn zoeter dan gewone aardappelen. Je kunt ze bakken, koken of er puree van maken. De zoete aardappel wordt veel gebruikt in de Surinaamse keuken.

vragen
MUTE